23-04-2010 | BTW op bedrijfsevenementen met publicitair doel voortaan volledig aftrekbaar ?
Een beetje historiek...
De discussie is al geruime tijd aan de gang. Een bedrijf organiseert een evenement waarbij promotie wordt gemaakt voor haar producten of diensten. Is de BTW die wordt aangerekend op de facturen die aan het bedrijf worden gericht voor de organisatie van het evenement aftrekbaar of niet? Immers op grond van artikel 45, § 3, 4° van het BTW-Wetboek wordt de aangerekende BTW op ‘kosten van onthaal’ uitgesloten van de aftrek. Of dienen dergelijke kosten als ‘reclamekosten’ aangemerkt te worden, waarop de BTW in beginsel volledig aftrekbaar is ?
Lang was de fiscus van mening dat dergelijke kosten als ‘kosten van onthaal’ moesten worden beschouwd en de BTW derhalve niet aftrekbaar was. In een arrest van het Hof van Cassatie van 8 april 2005 werd de fiscus evenwel teruggefloten. Het Hof kwam tot het besluit dat de uitsluiting van de aftrek van de BTW die ten aanzien van ‘kosten van onthaal’ geldt, niet speelt wanneer de kosten gemaakt worden in het kader van een evenement met publicitair doel. Dergelijke kosten moeten als ‘reclamekosten’ worden aangemerkt was de mening van het Hof waarbij de BTW bijgevolg in principe volledig voor aftrek in aanmerking komt.
De BTW-administratie legde zich neer bij dit arrest en publiceerde daaromtrent een officiële beslissing (ET109632 dd. 24-07-2005). Indien kan aangetoond worden dat de gedane kosten de directe verkoop beogen of worden gemaakt met het oog op publiciteit voor welbepaalde producten of diensten, dan aanvaardt de administratie deze kosten als ‘reclamekosten’.
Maar…
Het gebeurt wel eens dat tijdens dergelijke evenementen een ‘hapje en een drankje’ wordt aangeboden aan de bezoekers. Op dit vlak toonde de fiscus zich evenwel een ‘slechte verliezer’. De fiscus haalde in haar beslissing immers aan dat het Hof van Cassatie in zijn arrest zich enkel had uitgesproken over de toepassing van artikel 45, § 3, 4° van het BTW-Wetboek (‘kosten van onthaal’) en niet over de toepassing van artikel 45, § 3, 3° van het BTW-Wetboek die het recht op BTW-aftrek uitsluit op kosten van logies, spijzen en dranken (behoudens in zeer specifieke gevallen). Gevolg: de aangerekende BTW op kosten van spijzen en dranken, zelfs gemaakt in het kader van een publicitaire actie, bleef van de BTW-aftrek uitgesloten. Bovendien was de administratie van mening dat de Cassatierechtspraak enkel zou gelden in de gevallen waarin een publicitair evenement gericht is op de ‘eindconsument’.
Nieuwe Cassatierechtspraak…
In een nieuw arrest van het Hof van Cassatie (11-03-2010), worden deze stellingen van de fiscus nu onderuit gehaald. Het Hof zegt nu uitdrukkelijk: “wanneer de betrokken activiteit hoofdzakelijk en rechtstreeks tot doel heeft potentiële kopers in te lichten over het bestaan en de hoedanigheden van een product of dienst met de bedoeling de verkoop ervan te bevorderen, … , zij een reclame is waarvan de kosten niet voor aftrek uitgesloten zijn”. Bovendien bevestigt het Hof dat ook de uitsluiting van de aftrek van BTW met betrekking tot horecakosten niet geldt wanneer die kosten gemaakt zijn naar aanleiding van een publicitair evenement.
Het is nu even afwachten of de BTW-administratie in een nieuwe beslissing haar eerder in 2005 geformuleerde standpunt ‘officieel’ zal willen herzien en zich zal aansluiten bij deze recente Cassatierechtspraak. Dit belet uiteraard niet dat ‘ongeduldige’ belastingplichtigen nu reeds naar de cassatierechtspraak kunnen handelen. Herzieningen van de (niet-afgetrokken) BTW met betrekking tot het verleden zijn mogelijk in zoverre de verjaringstermijnen daartoe niet verstreken zijn. Let wel op: er moet steeds aangetoond worden dat het evenement hoofdzakelijk en rechtstreeks een publicitair doel heeft. Het bijhouden van de nodige documentatie hiertoe is dus zeker aangewezen. Het betekent dus NIET dat de BTW op al uw bedrijfsfeestjes nu aftrekbaar wordt. Bovendien handelt de Cassatierechtspraak enkel op het vlak van de BTW. Inzake directe belastingen blijven (voorlopig ?) de oude standpunten gelden.
22 02 2010 | Niet-milieuvriendelijke bedrijfswagens betalen mee de fiscale rekening...
Eén van de meest begeerde bezoldigingstechnieken om het personeel/bedrijfsleider te verlonen, is de "kostenloze" terbeschikkingstelling van een bedrijfswagen. Deze bedrijfswagen wordt in eerste instantie aangewend voor beroepsverplaatsingen zijnde klantenbezoek, ... maar in de praktijk komt het al eens regelmatig voor dat de werknemer/bedrijfsleider het voertuig ook voor privé doeleinden aanwendt. Voor deze privé verplaatsingen (het woon/werkverkeer inbegrepen) dient een belastbaar voordeel alle aard weerhouden te worden.
Dit belastbare voordeel voor het persoonlijk gebruik van een ter beschikking gestelde bedrijfswagen (zijnde een personenauto, auto voor dubbel gebruik, minibus of lichte vrachtwagen die niet aan de fiscale definitie van lichte vrachtwagen beantwoordt) werd tot en met 31 december 2009 berekend door het aantal privé kilometers, forfaitair vastgesteld op 5.000 km of 7.500 km (enkele afstand woon-werkverkeer respectievelijk < 25 km en > 25 km), te vermenigvuldigen met een bedrag in euro (jaarlijks geïndexeerd) per kilometer dat werd bepaald volgens de fiscale PK van de wagen.
Vanaf 1 januari 2010 (AJ 2011) ondergaat de berekeningswijze van het forfaitaire voordeel een grondige wijziging en wordt er voortaan rekening gehouden met het type van brandstofvoorziening van de motor EN het CO²-uitstootgehalte van de bedrijfswagen:
De CO²-uitstoot van het betrokken voertuig kan worden opgezocht via de website www.schoneauto.be (F.O.V.) of op het gelijkvormigheidsattest van de wagen (D.I.V.). Indien de CO²-uitstoot moeilijk te bepalen is bij gebrek aan dergelijke gegevens dan wordt de CO²-uitstoot voor voertuigen met een benzine, LPG of aardgasmotor en dieselmotor vastgesteld op respectievelijk 205 en 195 gram per kilometer.
In de praktijk komt het al eens regelmatig voor dat een werknemer/bedrijfsleider een bijdrage betaalt voor bv. gebruik van een tankkaart, bijkomende opties (GSM-kit), een zwaarder type voertuig, enz.. Deze tussenkomsten mogen in mindering gebracht worden van het forfaitair bepaald voordeel voor het privé gebruik van de bedrijfswagen.
Deze nieuwe regeling is ongetwijfeld een doorn in het oog voor menig werknemer/bedrijfsleider onder ons die niet met de “meest propere” wagen rijdt. Voornamelijk de bestuurders van een 4x4-wagen, monovolume, sportwagen met een opgevoerde motor, … die heden ten dage ons straatbeeld kleuren, delen zwaar in het fiscale leed ...
Anderzijds draagt deze nieuwe maatregel er onmiskenbaar toe bij dat bedrijven zullen overschakelen op CO²-uitstoot vriendelijke auto’s …. en dat komt ons milieu ongetwijfeld ten goede!
04 02 2010 | Uitbreiding publicatieverplichting
Uitbreiding publicatieverplichting inzake belangrijke deelnemingen in niet beurs-genoteerde NV’s die aandelen aan toonder of gedematerialiseerde aandelen hebben uitgegeven.
Wet 18 januari 2010
Ingevolge de wet van 18 januari 2010 (BS 26/01/2010) moeten de natuurlijke personen en rechtspersonen die een belangrijke deelneming verwerven in een niet-beursgenoteerde Naamloze Vennootschap met aandelen aan toonder of gedematerialiseerde aandelen, zich bekend maken.
De natuurlijke personen en rechtspersonen dienen aan de Naamloze Vennootschap kennis te geven van het aantal effecten waarover zij beschikken indien zij ingevolge de verwerving van stemrechtverlenende effecten die al dan niet het kapitaal vertegenwoordigen over een deelneming van 25 % of meer van het totaal der stemrechten beschikken.
De kennisgeving aan de vennootschap dient te gebeuren binnen de vijf werkdagen volgend op de dag van de verwerving van de effecten.
Eenzelfde verplichting tot kennisgeving dient te worden verricht, met in acht name van dezelfde termijn van vijf werkdagen, wanneer bij de overdracht van effecten de stemrechten opnieuw zakken onder de 25 %.
De wet van 18 januari 2010 (BS 26/01/2010) treedt in werking op 5 februari 2010.
Overgangsregeling
De natuurlijke of rechtspersoon die op het moment van de inwerkingtreding van deze wet eigenaar is van meer dan 25 % van de aandelen of stemrechten van een NV dient binnen de zes maanden (d.i vóór 5 augustus 2010) een kennisgeving te doen aan de betrokken vennootschap van hun belangrijke participatie.
Gevolgen van de kennisgeving
Niemand kan op de algemene vergadering aan de stemming deelnemen voor meer stemrechten dan degene verbonden aan effecten waarvan hij minstens twintig dagen vóór de datum van de algemene vergadering kennis heeft gegeven.
De Raad van Bestuur kan de algemene vergadering verdagen tot drie weken wanneer binnen de twintig dagen vóór de datum waarop een algemene vergadering is bijeengeroepen, de vennootschap een kennisgeving heeft ontvangen of weet heeft van het feit dat een kennisgeving nog moet worden verricht.
Sancties bij gebrek aan de vereiste kennisgeving
Wanneer de vereiste kennisgeving niet is gebeurd kan de voorzitter van de rechtbank van koophandel van het rechtsgebied waarbinnen de vennootschap haar zetel heeft, op verzoek van de vennootschap of één van stemgerechtigde aandeelhouders de volgende sanctie bevelen:
1) de opschorting van de uitoefening van alle of een deel van de aan de betrokken effecten verbonden rechten voor een periode van ten hoogste één jaar;
2) de opschorting van een reeds bijeengeroepen algemene vergadering gedurende de termijn die hij vaststelt;
3) de verplichting om onder zijn toezicht en binnen de periode die hij vaststelt de bewuste effecten te verkopen aan een derde die niet met de huidige aandeelhouder verbonden is.
17 09 2009 | Hoe lang moet u de btw-documenten bewaren ?
Krachtens artikel 60 § 1 W.Btw moeten alle stukken waarvan het Btw-wetboek het opmaken of uitreiken oplegt gedurende een periode van zeven jaar, te rekenen vanaf de eerste januari van het jaar volgend op hun datum, worden bewaard. De minister benadrukte dat bedoeld artikel geen onderscheid maakt tussen belastingplichtigen en niet-belastingplichtigen. Particulieren zijn in principe ook gehouden de stukken gedurende zeven jaar te bewaren.
(Bron : Vr & Antw. Kamer, 2008-2009, nr 69 van 13 juli 2009)
03 09 2009 | Nieuwe tarieven verkeersbelasting
Sinds 01 juli 2009 zijn nieuwe tarieven van toepassing m.b.t. de verkeersbelasting. De nieuwe tarieven zijn geldig tot 30 juni 2010
(Bron : Belgisch Staatsblad 09/07/2009)
09 07 2009 | Mag de fiscus u taxeren op grond van facebookgegevens ?
Recent werd de minister van Financiën in de Kamer de vraag voorgelegd of de fiscale administraties een beroep kunnen doen op gegevens die afkomstig zijn van persoonlijke websites zoals facebook. De minister antwoordde zeer ontwijkend. Hij stelde dat de taxatieambtenaar de vrijheid heeft om alle informatie te gebruiken die publiek toegankelijk is. Hij bevestigde evenwel dat inlichtingen verkregen via sociale netwerken op zich geen bewijs vormen tegen de belastingplichtige. Het zijn de resultaten van de onderzoeken, waaraan dergelijke inlichtingen ten grondslag liggen, die al dan niet bewijs zullen opleveren. Tevens benadrukte de minister dat de inzameling van informatie opportuun dient te zijn. Uit dit antwoord blijkt dan ook dat de minister niet a priori uitsluit dat deze gegevens effectief worden gebruikt voor het vestigen van aanslagen.
(Bron : Vr & Antw. Kamer, 2009-2010, nr 66 van 22 juni 2009)
Personenbelastingen
Vennootschapsbelastingen
BTW
Andere
